Tempeliers

De Orde van de Tempeliers werd door Paus Innocentius III opgericht in 1112 na Christus. Van de officiële oprichting bestaan er geen documenten. Ongeveer 70 jaar na de oprichting is de orde beschreven door ene Guillaume de Tyre. Zijn beschrijving wordt tot op de dag van vandaag als betrouwbaar beschouwd. De officiële naam die door de Paus werd meegegeven was het Ridderschap van God. Deze bestond bij de oprichting uit negen  ridders die werden uitgestuurd naar het Heilige land (Israël) op een Heilige missie. Deze negen ridders waren tegelijk ook monniken en waren dus de eerste militaire tak van de Christelijke kerk. Het ging om: Huges de Payens, Godfried van St. Omaars, André de Montbard, Fulk Comte d'Anjou.

De andere ridders waren Vlamingen. Archaumbaud de Saint Amand, Rosal, Godfried Bisol, Gondemare, Godefroi. Zij beschermde Christelijke pelgrims die op weg waren naar Israël. De Orde stond ook bekend als de Arme Ridderorde Christi. Het zegel zoals hier afgebeeld werd het symbool van de ridders. Met twee ridders op één paard om aan te geven hoe arm zij waren. In het jaar 1128 werd het bestaan van de Orde nogmaals bevestigd en bekrachtigd door Paus Honorius II die hen de bekende witte gewaden schonk. In 1139 verordonneerde paus Innocentius II dat de tempeliers aan niemand anders verantwoording schuldig waren dan aan de paus. In 1146 werd door Paus Eugenius het rode kruis met de dubbele streep aan de ridder-kleding toegevoegd. De orde van negen ridders heeft voor negen jaar bestaan uit de oorspronkelijke deelnemers. Wat de kruisridders de eerste negen jaar van hun bestaan in Jeruzalem hebben gedaan is nooit geheel duidelijk geworden. Zij zouden zich hebben beziggehouden met opgravingen in en onder de Tempel van Salomon in Jeruzalem. Wat zochten zij ? Er zijn vele theorieën op losgelaten maar geen enkele geeft volkomen zekerheid. Het aangedragen bewijs geeft aan dat waarschijnlijk het ging om een combinatie van een materiële schat en een spirituele schat. Aanwijzingen over deze schat worden gegeven in de "Dode zee Rollen" die enkele jaren geleden werden gevonden in Qumran Egypte. In het bijzonder in de zogenaamde koperen rol staat beschreven waar de materiële schat uit heeft bestaan. Te weten: 138 ton aan goud en zilver, verborgen op 64 locaties. Aangenomen wordt dat in ieder geval 24 locaties zich bevonden in en rond de Tempel van Salomon in Jeruzalem

Het spirituele blijft mistig. Wel was duidelijk dat de Ridderorde zich niet veel bezighield met het beschermen van Christen-pelgrims maar vooral bezig was met het verzamelen van informatie over en zoeken naar een schat. Pas na negen jaar konden met name Franse edelen zich aansluiten bij de Orde. Vanaf het moment van uitbreiding heeft de Orde van Kruisridders zijn grote bekendheid gekregen en begonnen de veroveringen in Europa en het Midden Oosten pas echt ! De Tempelorde had zijn basis in het paleis van Baldwin II, Koning van Jeruzalem. Het paleis lag naast de al-Aksa moskee, beter bekend als de Tempel van Salomo. (De orde ontleende zijn naam aan deze tempel.)  De Orde van Kruisridders was zoals eerder aangehaald in de beginperiode direct verbonden met de Priorij van Sion. De oprichter van de Priorij was immers Godfroi de Bouillon. Hij behoorde tevens tot de eerste negen ridders die betrokken waren bij de oprichting van de Orde van Kruisridders. Godfroi de Bouillon kreeg zijn ere-naam "Koning van Jeruzalem" nadat zij in Jeruzalem waren aangekomen. De Kruisridders en de Priorij van Sion deelden en diende hetzelfde doel. Het beschermen en laten voortbestaan van het geslacht der Merovingers en het waken over het geheim van de Heilige Graal / San Gral / Sang Real. Let wel......deze orde bestaat nog steeds !!!  (Ordo Supremus Militaris Templi Hierosolymitani)

De kruistochten waren het meest opvallende fenomeen van de Europese expansiedrang tussen het 1000 en 1300. Dat die expansie op Palestina gericht werd is op het eerste gezicht opmerkelijk; het land heeft economisch weinig te bieden. Dat de expansiedrang zich op het Midden-Oosten richtte, moet vooral verklaard worden door de plaats die Jeruzalem en het Heilige Land in de middeleeuwse wereldbeschouwing innamen. De eerste kruistochten hadden het karakter van een gewapende pelgrimstocht. Dat pelgrimstochten een gewapend karakter kregen was opmerkelijk: het hanteren van wapens werd door de kerk beschouwd als zondig. De kerk stelde zelfs alles wapengeweld uit te bannen. Onstuimige edellieden die bloed hadden laten vloeien, moesten daarvoor boete doen, anders werden ze in de ban gedaan. Nu ineens ging de kerk het gebruik van geweld propageren, maar waarom was dat?

De kerkvader Paus Augustinus (354-410) had geschreven dat een oorlog alleen maar gerechtvaardigd was wanneer men aangevallen werd. Intellectuelen stonden op het standpunt dat kruistochten defensieve oorlogen waren. Het Heilige Land was namelijk gewijd door de aanwezigheid van Christus en veroverd door het Romeinse Rijk in een rechtvaardige oorlog: de Joodse oorlog, die door Christenen gezien werd als de wraak van God voor de dood van zijn zoon. Later, onder keizer Constantijn, is dit rijk Christelijk geworden. Als vertegenwoordiger van Christus op aarde en erfgenaam van de Romeinse keizers kon de paus volhouden dat de kruistochten niet meer waren dan de herovering van gebied dat rechtens toekwam aan de christenen. Het was ook alleen de paus die op kon roepen tot een kruistocht.

Na de eerste negen jaar is anonimiteit te hebben doorgebracht, groeide de orde vanaf hun tiende bestaansjaar enorm snel uit tot een uiterst machtige, rijke en beduchte speler op het Europese toneel.  De orde bezat talloze landerijen, kloosters, kerken, kastelen, opleidingsinstituten en dergelijke. Ook nu was het weer volstrekt onbekend hoe de Orde van Kruisridders aan deze grote rijkdom kwam. Het leek er op dat de Kruisridders de Katholieke Kerk in een chantage-situatie had betrokken. Een geheim dat de kerk onder geen enkele voorwaarde in de openbaarheid wilde. Het was niet duidelijk wat zij in het Heilige Land hadden gevonden maar het moest iets zijn dat de wereld zou doen schokken ! De Orde van Kruisridders kreeg binnen de Katholieke kerk een aparte status. Belastingen werden niet afgedragen en in tegenstelling tot andere Katholieke organisaties kreeg de Orde het feitelijke eigendom van hun bezittingen. Aan koningen behoefde geen verantwoording te worden afgelegd. Dit was in die tijd werkelijk ongekend aangezien de Katholieke Kerk op dat moment almachtig en onaantastbaar was. In het jaar 1188 vond er in Gisors een scheiding plaats tussen de Priorij en de Kruisridders. De aanleiding en wijze waarop deze scheiding plaatsvond is niets van bekend. In hetzelfde jaar verscheen voor het eerst literatuur over de Graal. Zie hier.

De Kruisridders stonden bekend om hun hardheid op het slagveld en om hun devotie in de kerk. Het waren niet alleen ridders die aangesloten waren bij de orde. Zij vormde wel de kern ! Bij de orde hoorde ook, sergeants (soldaten), boeren, slaven, priesters, wapensmeden etc. Op het hoogtepunt van de macht van de Orde van Kruisridders bestond het aantal aanwezigen in Jeruzalem op slechts 400 ridders. Er is niet veel bekend over de totale omvang van de Orde van Tempeliers. Documenten geven aan dat in 1153 de orde bestond uit meer dan 90.000 personen. Enkele jaren later werd het aantal geschat ergens tussen de 140.000 en 160.000 personen !  Dit was inclusief boeren, slaven en ijzersmeden. De orde had zich succesvol gevestigd in Tripoli, Lion, Portugal, Cyprus, Vlaanderen, Nederland, Engeland, Duitsland, Italië, Sicilië en Schotland. In iedere organisatie die ook maar iets met de Katholieke kerk te maken had, was de Orde van Tempeliers vertegenwoordigd.

Met de opkomst en bloei van de Tempeliers/Kruisridders ontstonden de grote kathedralen van Europa. Zij introduceerden de zogenaamde Gotische stijl. (Gotiek betekent "geheim") De King Arthur en Graalverhalen vormden belangrijke literatuur en werden grotendeels dankzij de populaire troubadours door Europa verspreid. De status aparte, de rijkdom en vooral de macht van de Orde van Kruisridders zorgde uiteindelijk voor hun ondergang.

De ware reden voor de ondergang van de Kruisridders was dat de Katholieke kerk niet langer kon verdragen en accepteren dat de ridderorde een geheim had gevonden dat de ondergang van de kerk zou kunnen betekenen. De ridders waren naar het Midden Oosten gestuurd door het Vaticaan om de restanten van de oorspronkelijke Bijbel ( lees "Dode zee rollen") te vinden en te vernietigen. Deze manuscripten waren de echte Bijbel met een geheim dat de kerk graag had willen verdoezelen. Toen de Kruisridder het geheim daadwerkelijk vonden, gebruikte zij dit om hun macht en rijkdom te vergroten. Zoals eerder beschreven kregen de kruisridders via een Pauselijk decreet complete autonomie. Koningen in heel Europa hadden geen enkele zeggenschap meer als de Kruisridders in beeld kwamen. Op het hoogtepunt van de Orde van Kruisridders fungeerde zij zelfs als de bank van Europa en leende onwaarschijnlijk grote sommen geld uit aan verschillende landen. Wat de Tempeliers gevonden hadden gaf ze daadwerkelijk de ultieme macht !  In samenwerking met stroman paus Clemens V bereidde de Franse koning Philip IV de Schone in het geheim een plan voor om de hele orde op te rollen. Tegelijkertijd aasde Filips natuurlijk op de bezittingen van de tempeliers. Op vrijdag 13 oktober 1307 werden alle tempeliers in Frankrijk gearresteerd en aangeklaagd wegens immorele seksuele praktijken en godslastering. Het afkeren van het Christendom werd volgens de aanklagers (inquisitoirs) duidelijk door belangrijke informatie van een Kruisridder genaamd Stephen de Strapelbrugge die tijdens zijn verhoor in juni 1311 verklaarde dat tijdens de intredingrite van de Orde hem was verteld dat Jezus een man was en geen God. Een onderdeel van intredingriten van de Kruisridders was kennelijk dat men de Heilige Petrus moesten verwerpen en vervolgens de Heilige Johannes accepteren als de leider van de kerk. De actie van de paus en koning was goed voorbereid, maar toch waren er tempeliers die konden ontsnappen. Het lukte hun om de geheime schatten, waaronder vele documenten, van de orde in veiligheid te brengen. Dit blijkt uit documenten van een serie verhoren van tempeliers in 1308 te Poitiers - stukken die deels door Napoleon Bonaparte zou worden geconfisqueerd en pas in 1907 openbaar werden gemaakt. De Kruisridder die konden ontsnappen vestigden zich voornamelijk in Portugal, Engeland en Schotland alwaar zij de volgende 400 jaar redelijk ongestoord konden voortbestaan. In Engeland , de stand York, werd er door de Orde van Tempeliers een organisatie opgericht die de basis zou vormen voor de huidige Vrijmetselaars.

Op 19 maart 1314 werd de laatste Grand Master van de Kruisridders, Jacques de Molay op de brandstapel ter dood gebracht. Tijdens zijn executie riep hij Koning Philip en Paus Clement toe dat ook zij het komende jaar hem in de door zouden volgen. Paus Clement stierf een maand later en Philip IV stierf zeven maanden later.

De Orde van Kruisridders waren gedecimeerd, hun bezittingen en privileges kwijt. De orde kwijnde weg tot een kleine onbelangrijke Orde.  Toch bleven de kruisridders/Tempeliers actief.  Een behoorlijk aantal vluchteling-ridders begaven zich naar Schotland alwaar zij werden verwelkomt door de machtige familie St. Clair. Het was Sir William St. Clair die de wonderbaarlijke kapel van Rosslyn bouwde. Later, onder prins Henry St. Clair de Kruisridders waren deelnemers aan een tocht naar Nova Scotia. ( 1398)

Klik op de link om een uitvoerige beschrijving te lezen van de Nova Scotia-theorie.

De Priorij van Sion was gedurende deze periode van inquisitie in het verborgene gebleven en overleefde deze grote schoonmaak binnen de Katholieke kerk. De Tempeliers werden door de kerk zo goed als weggevaagd. Hierdoor werd enkele eeuwen lang werd het rustig rond het mysterie van de Heilige Graal. Pas door toedoen van drie Engelse onderzoekjournalisten in de 20e eeuw werd een tipje van de sluier opgelicht voor het brede publiek.

Tekstvak: Terug naar beginpagina